
Vlaams Parlementslid

Vlaanderen brengt dijkverzakkingen en overstromingen haarscherp in beeld met nieuwe Sentinel-satellieten
De European Space Agency (ESA) lanceerde onlangs de nieuwe Europese satelliet Sentinel-1C. Net zoals Nederland zal ook Vlaanderen die in de toekomst inschakelen om dijkverzakkingen en overstromingen haarscherp in beeld te brengen. Dat kwam Vlaams parlementslid Andy Pieters (N-VA) te weten bij bevoegd minister Jo Brouns. “Nederland noemt de data van de Sentinel-satellieten onmisbaar voor het monitoren van klimaatverandering, opsporing van scheepsbewegingen en ondersteuning van rampenbestrijding. Het is goed dat Vlaanderen hier ook mee aan de slag gaat”, aldus Pieters.
De nieuwe Sentinel-1C-satelliet, die ruimtevaartorganisatie ESA donderdagavond 5 december 2024 succesvol de ruimte in stuurde, is in staat om het aardoppervlak dag en nacht nauwlettend in de gaten te houden. Dit levert uiterst bruikbare data op over bijvoorbeeld overstromingen of dijk- en wegverzakkingen. De Sentinel-1C is de 3e aardobservatiesatelliet binnen de serie van 3 Sentinel-1 satellieten. Deze satellieten zijn onderdeel van een grote groep Sentinelsatellieten en leveren een continue stroom aan radargegevens. Ze zijn onderdeel van het Europese Copernicus programma, dat wereldwijd wordt gezien als de gouden standaard in aardobservatie.
Het Nederlandse Rijkswaterstaat kondigde eind vorig jaar aan de nieuwe satelliet in te schakelen om dijkverzakkingen en overstromingen te detecteren en overstromingsmodellen te verfijnen. Op een schriftelijke vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Andy Pieters (N-VA) antwoordt bevoegd minister Jo Brouns dat Vlaanderen het Nederlandse voorbeeld volgt.
“Door VITO werd in opdracht van de VMM, het HIC (het Hydrologisch InformatieCentrum van het Waterbouwkundig Laboratorium) en De Vlaamse Waterweg de voorbije jaren een algoritme uitgewerkt om de overstromingen gedetailleerd in kaart te brengen. Dit algoritme is specifiek gericht op een combinatie van de sentinel I-data in combinatie met andere data die voor Vlaanderen beschikbaar zijn. Specifiek voor overstromingen is de lancering van de nieuwe satelliet belangrijk om de waarnemingsfrequentie terug te verhogen na het uitvallen van een van de bestaande sentinel I-satellieten”, klinkt het bij Brouns.
“Net als het Nederlandse Rijkswaterstaat wil de Vlaamse overheid de meerwaarde van het gebruik van dergelijke beelden ook in het kader van dijkcontrole toetsen. Op dit moment zijn er nog veel vragen over de mate van detail en de toepasbaarheid voor de Vlaamse dijken. Het is dus goed dat men deze innovatie durft inzetten en de implementatie verder onderzoekt”, reageert Pieters.
Het Kennis Netwerk Dijken en Oevers van de Vlaamse overheid zal dit verder opnemen. Naast De Vlaamse Waterweg, de Vlaamse Milieumaatschappij en MDK afdeling Kust zijn ook de afdeling Geotechniek, het Waterbouwkundig Laboratorium, het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek en Digitaal Vlaanderen hierbij betrokken.
“Nederland noemt de data van de Sentinel-satellieten onmisbaar voor het monitoren van klimaatverandering, opsporing van scheepsbewegingen en ondersteuning van rampenbestrijding. Ook ’s nachts kunnen de satellieten bij goede radarreflecties gedetailleerde bewegingen tot op enkele millimeters nauwkeurig vastleggen. De Sentinel-1C beschikt verder over een C-band Synthetic Aperture Radar (SAR), waarmee hij door de wolken heen kan kijken. Het is goed dat Vlaanderen hier ook mee aan de slag gaat”, besluit Pieters.
